| |
De geboorte.
Hij is geboren, maar hij ziet er nog helemaal glibberig uit van het vruchtwater. Alleen de navelstreng zit nog vast aan zijn navel en aan het andere eind aan de placenta, die nog geboren moet worden. De placenta is nu niet meer nodig, want de baby moet nu zelf gaan ademen en drinken met zijn mond. Daarom wordt de navelstreng doorgeknipt.

Een baby schrikt als hij geboren wordt en begint te huilen. Logisch eigenlijk, want hij zat net zo lekker rustig in het donker in een warm bad. En nu komt hij plotseling in een kamer met lichten, hij hoort allemaal vreemde stemmen en het is er nog koud ook. Toch is het goed om te horen dat het kindje begint te huilen, want dan weet de dokter dat de longen van het kindje goed werken. De moeder wil het baby'tje meteen troosten en neemt het dicht bij zich.

Wat als een kindje niet gewoon geboren kan worden?
Als een baby niet goed door de vagina naar buiten kan, wordt er een vacuümpomp gebruikt. Het is een soort hoedje met een lange steel dat vanzelf blijft plakken op het hoofd van het kindje. Aan de steel trekt de doktoer dan voorzichtig het kindje uit de vagina. Het kindje heeft dan een punt op zijn hoofdje en de schedel is heeft een beetje een rare vorm gekregen.
In plaats van een vacuümpomp kan er ook een grote tang gebruikt woorden, die klemmen ze dan om de oren van het kindje en trekken hem dan zo naar buiten.

Het kan natuurlijk ook zijn dat het kindje, als het nog in de buik zit, het benauwd krijgt. Dan moet hij heel snel geboren worden. De allersnelste methode is dan de keizersnede.
De moeder wordt verdooft en ze maken dan een opening in de buik. Het kindje kan er zo snel uitgehaald worden. De buik wordt daarna natuurlijk netjes weer dichtgenaaid.

|
|